Home Activiteiten Publicaties Expertisecentrum Contact Groter
logo
LOKAAL GEZONDHEIDSBELEID EN ARMOEDE

1. Wat is ‘lokaal gezondheidsbeleid’?
2. Commissie Albeda
3. Armoede en gezondheid als gevolg van bewust gewild beleid
4. Uitkomsten landelijk onderzoek
5. WMO: van recht naar gunst.
6. Provincie Gelderland
7. Betrokkenheid burgers
Checklist om een notitie door te nemen

LOKAAL GEZONDHEIDSBELEID EN ARMOEDE

door Peter Ybeles Smit

Het beleid van dit kabinet is een asociaal beleid. Buitengewoon asociaal zelfs.. De bezuinigingen komen hoofdzakelijk neer bij de groepen die het maatschappelijk het moeilijkst hebben: gehandicapten, chronisch zieken, mensen met een minimum-uitkering. Dat is geen toeval. Het is bewust beleid.

Deze mensen zijn vanwege hun slechte gezondheidstoestand en hun zeer lage inkomen aan de ene kant sterk afhankelijk van overheidsregelingen op het gebied van zorg en inkomen, en afhankelijk van een degelijk georganiseerde solidariteit. Anderzijds zijn ze, omdat ze daarvan afhankelijk zijn, een makkelijke prooi voor deze rechtse en volstrekt asociale koers van het Kabinet en de regeringsfracties. Tegelijk zijn ze te klein om politiek bij verkiezingen electoraal voldoende gewicht in de schaal te leggen. Al deze factoren worden op zeer cynische wijze door regering en regeringspartijen gebruikt, om hun eigen asociale agenda door te zetten.

De CG-raad heeft kortgeleden uitgerekend dat gehandicapten en chronisch zieken tussen de 18 en 65 jaar er door de bezuinigingen van dit Kabinet als geheel ruim 4 % in inkomen op achteruit zijn gegaan. Dat is heel veel. Dat is voor een alleenstaande Wajonger met een inkomen van E 800,- per maand een inkomensachteruitgang per jaar van E 384,-. Dat is ook veel voor zo’n grote groep. Want dat betekent dat er veel mensen tussen zitten die er 9 of 10 % in inkomen op achteruit zijn gegaan.

Interesseert deze regering zich hiervoor: nee, in het geheel niet. Daarom moeten we het beleid van deze regering steeds opnieuw weer aanklagen. Steeds opnieuw weer laten zien dat het Kabinet en de regeringsfracties steeds slechts holle woorden produceren, en dat de werkelijkheid van mensen in armoede heel anders is dan de regering en de regeringsfracties willen doen geloven.

1. Wat is ‘lokaal gezondheidsbeleid’?

‘Lokaal gezondheidsbeleid’ is beleid van de gemeentelijke overheid dat er op gericht is om verschillen in gezondheid van burgers die blijkens onderzoek samenhangen met sociaal-economische factoren als werk, inkomen, woonbuurt en de regie die je hebt over je eigen leven, zoveel mogelijk te verminderen. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. De feiten liegen er echter niet om:

terug

2. Commissie Albeda

Uit het rapport van de commissie Albeda bleek, dat mensen met een lage sociaal-economische positie 12 jaar korter een goede gezondheid genoten dan mensen met een hoge sociaal- economische status, en 3 jaar korter leefden. Dit soort gezondheidsverschillen is al ruim 100 jaar bekend. Een aantal factoren zijn uit de geschiedenis ook bekend: slechte, vochtige, tochtige huizen, te weinig frisse lucht, teveel mensen die onder onhygiënische omstandigheden te dicht op elkaar wonen, zwaar en onaangenaam werk, slechte voeding, gebrekkige toegang tot gezondheidszorg.

Dit zijn factoren die niet alleen in de 19 e eeuw van invloed waren, maar ze zijn het nog steeds.

terug

3. Armoede en gezondheid als gevolg van bewust gewild beleid

Waar je dit Kabinet dus niet meer over hoort, zijn de aanbevelingen van de commissie Albeda. Bij voorbeeld: verhoging van het sociaal minimum. Dit Kabinet besteedt veel aandacht aan het waar mogelijk verlagen van het sociaal minimum.

Waar je het Kabinet ook nooit over hoort, is de omgekeerde relatie tussen armoede en gezondheid: wanneer je door handicap of chronische ziekte niet, of niet meer kunt werken, en afgescheept wordt met een minimum- uitkering. En dat niet voor even, maar voor tientallen jaren. Omdat je als Wajonger nooit hbt kunnen werken, of omdat dit Kabinet je uit de WAO gooit, zonder dat je gezondheid feitelijk is verbeterd en zonder dat je kansen op de arbeidsmarkt zijn verbeterd. En via nog 1000 andere manieren. Deze relatie tusen armoede en gezondheid is geen toeval. Het is bewust gewild resultaat van bewust gewild beleid van deze regering. En dat maakt mij razend.

Als gehandicapte of chronisch zieke heb je al ellende genoeg met een lijf dat niet wil en een samenleving die niet is aangepast en niet toegankelijk is. Waar we dus niet op zitten wachten is een regering die zoals deze bewust de belemmeringen voor gehandicapten en chronisch zieken nog veel groter maakt. Er is lijden dat wordt voeroorzaakt door oorzaken waar je niets aan kunt doen. Het krijgen van Parkinson of MS bij voorbeeld. Of geboren worden met een Spina Bifida. Maar er is ook lijden waar politici wel wat aan kunnen doen, omdat het te maken heeft met de verdeling van arm en rijk in Nederland. Lijden waar deze regering niet alleen niets aan wil doen, maar wat ze, gesteund door de regeringsfracties in de 2 e Kamer, alleen maar erger maakt. Door bewust gewild beleid, waarbij ze de asociale gevolgen niet willen compenseren. Dat is meer dan schandalig.

In de praktijk uit zich dit in een stapelingseffect in de groepen met de slechtste gezondheid en de laagste sociaal- economische status. Gezondheidsproblemen stapelen zich op, maar ook de financiële problemen stapelen zich op. Beide gaan dan een onplezierige combinatie aan. De mensen bij wie dit terecht komt zijn vooral Wao’ers, gehandicapten en chronisch zieken, en ouderen. Tevens zijn een-oudergezinnen en allochtonen kwetsbare groepen. Met andere woorden: de kwetsbaarste groepen zijn ook hier weer de klos.

Wanneer je de uitkomsten van het meest recente SCP-rapport over sociale uitsluiting er op naleest, dan kom je ditzelfde rijtje weer tegen. Met gehandicapten en chronisch zieken als relatief de meest uitgesloten groep. Dat is dus geen toeval. Dat het het trieste, maar bewust nagestreefde resultaat van het beleid van regering en Tweede Kamer.

terug

4. Uitkomsten landelijk onderzoek

Het afgelopen jaar hebben we in de Sociale Alliantie enkele tientallen gemeentelijke beleidsnota’s doorgenomen over gemeentelijk gezondheidsbeleid. Wat opviel was dat de meeste gemeenten geen enkele aandacht besteedden aan de analyse van risicogroepen en hun gemeenten, en de problemen van die groepen. Slechts enkele gemeenten scoorden daar goed in.

En wanneer het om aanbevelingen ging voor beleid, kwamen veel gemeenten dan ook niet verder dan dat de ambtenaren beter met elkaar moeten gaan samenwerken.

We vermoeden dan ook, dat veel gemeenten lelijk op de koffie zullen komen bij de invoering van de WMO. Want dan wordt er beleid van de gemeenten gevraagd waar ze zich niet op hebben voorbereid, waar ze onvoldoende deskundigheid over hebben en waarbij ze hun bevolking niet of onvoldoende kennen.

terug

5. WMO: van recht naar gunst.

De naam is gevallen: de WMO. De Wet op de Maatschappelijke Ondergang… De wet die bedoeld is om ons, uitkeringsgerechtigden, gehandicapten en chronisch zieken, zoveel mogelijk onze rechten op zorg af te nemen. Dat is namelijk de kern van de wet, dat de regering ons ons recht op zorg wil afnemen. Hoe de wet verder is vormgegeven, is daarvan vervolgens een consequentie, een uitvloeisel.

De AWBZ is nl onderhand nog de enige klassieke volksverzekering, waarbij het niet uit maakt wat voor inkomen je hebt. Regering en mogelijk de regeringsfracties zijn er op basis van het beleid dat ze feitelijk nastreven maar al te zeer toe bereid, om deze wet daarom af te schaffen. Voor de mensen die niet werken rest in hun ogen slechts het zeer marginale pakket, dat een gemeentelijke overheid kan leveren wanneer ze dat wil. Je hebt nergens meer recht op. Alles wat je krijgt, is een gunst. Voor wie goed verdienen, is er de markt waar ze hun zorg op moeten gaan inkopen.

Die verandering, waarbij wat ens een rechts was, feitelijk een gunst wordt, kennen we al uit de WVG en de WWB. Wat dat voor de gebruiker betekent, weten we ook. Namelijk: een steeds verder afbrokkelend voorzieningenpakket, de gebruiker in machteloosheid achterlatend. Daarom willen we dat de rechten van de gebruiker op zorg wettelijk worden vastgelegd.

Dat vastleggen van het recht op zorg is niet alleen iets leuks dat gemeenten kunnen doen voor hun bewoners. Gemeenten hebben er zelf ook belang bij. Want in de Kaderbrief over de WMO van dit voorjaar staat nl dat gemeenten de goedkoopste oplossing moeten kiezen. De formulering ‘goedkoopst en adequaat’ van de WVG geldt in de WMO nl niet meer. Wanneer gemeenten aanbieders van zorg toch willen toetsen op de kwaliteit van hun zorg, dan kan dat alleen wanneer zij die kwaliteit in hun verordening vast leggen. En dat kan het beste door de rechten van de gebruikers op zorg vast te leggen.

terug

6. Provincie Gelderland

Dit voorjaar heeft de PPCF- Gelderland een groot onderzoek uit laten voeren onder alle Gelderse gemeenten, op basis van de vraag in hoeverre Gelderse gemeenten zich al aan het voorbereiden zijn op de WMO. De stand van dit voorjaar was dat ruim de helft van de Gelderse gemeenten nog geen activiteit of initiatief had genomen om zich te oriënteren op wat er in het kader van de WMO van de gemeente verwacht wordt.

De gemeenten die er wel mee bezig waren, zochten het hoofdzakelijk in een Een-Loket- Functie. Of een Zorg-Portaal in hun gemeente. Daar is niets mis mee, maar het is wel beperkt. De WMO daagt ons juist uit om werken, vervoer, wonen en zorg werkelijk integraal met elkaar te verbinden.

Aangezien wij als ervaringsdeskundigen meer weten dan de ambtenaren of de gemeentelijke politici, is het van groot belang dat we nu vast onze respectievelijke gemeenten benaderen met wat wij, als uitkeringsgerechtigden, gehandicapten, chronisch zieken, ouderen, en wat er nog meer in de gemeente afhankelijk zal zijn van deze wet, het gemeentebestuur benaderen met een gezamenlijke wensenlijst: Als de WMO toch moet worden ingevoerd, doe het dan zo dat wij daar het meest aan hebben.

terug

7. Betrokkenheid burgers

Uit alle onderzoeken rond Sociaal Economische Gezondheidsverschillen, Gemeentelijke Gezondheidsbeleid etc blijkt, dat de grote factor die verantwoordelijk is voor het falen of slagen van dit beleid, de actieve betrokkenheid van de burgers is. Wanneer je daarnaast zet dat juist de groepen met de grootste achterstand in gezondheid grotendeels samenvalt met de groep met het laagste inkomen, dan zie je dat juist die actieve betrokkenheid van burgers een groot probleem is. Wanneer het gaat om de groepen met de laagste opleiding en de laagste inkomens zie je, dat lezen in die kringen niet de manier is waarmee mensen informatie verwerven. Laat staan iets met die informatie doen. Wanneer je de uitkomsten van het SCP- rapport over Sociale Uitsluiting ziet, weet je dat ouderen, gehandicapten en chronisch zieken tot de maatschappelijk meest uitgesloten groepen behoren. Hoe gaat de gemeente deze groepen benaderen? Daar is nog geen duidelijke methodiek voor. Wel is duidelijk dat belangenorganisaties en zelforganisaties onmisbare bruggen vormen naar deze groepen. Je moet als belangenorganisatie ehter uitkijken dat je niet voor het karretje gespannen wordt van je gemeente…

En de gemeenten moeten naar Den Haag duidelijk maken dat het roer om moet is het steeds verder verarmen en marginaliseren van groepen burgers. Want de overheid moet het mensen wel mogelijk maken om maatschappelijk te participeren en zo de burgers mogelijk maken hun maatschappelijke verantwoordelijkheid op zich te nemen.

terug

Checklist om een notitie door te nemen:

  • belang van ‘levensomstandigheden’ ( ‘settings’) in gemeentelijke nota’s
  • zit er in de gemeentelijke notitie een aparte paragraaf over ‘armoede en gezondheid’? hoe wordt deze relatie in de nota uitgewerkt?
  • hoe is de betrokkenheid van burgers, vooral arme, laag geschoolde, gehandicapte of chronisch zieke burgers, geregeld bij het opstellen van de nota, de vertaling naar maatregelen en de uitwerking van de maatregelen?
  • spreekt de nota over het bestrijden van sociaal isolement, en het bevorderen van maatschappelijke participatie? hoe wordt dat concreet gemaakt?
  • geeft de gemeente aan wat ze nog niet weet, en hoe ze dat te weten wil komen? heeft de gemeente de benodigde basisgegevens?
  • is gemeentelijk gezondheidsbeleid een deel ( ‘facet’) van alle gemeentelijke plannen?
  • is gemeentelijk gezondheidsbeleid zichtbaar?
  • wordt er in de nota aandacht besteed aan de cultuur in de gemeente ( of woonwijk) in het omgaan met gezondheid?
  • is de regiofunctie van grote gemeenten voldoende verwerkt?
  • is er politieke belangstelling voor dit onderwerp?
  • is er ambtelijke capaciteit om dit onderwerp uit te werken?
  • is er budget om dit onderwerp uit te werken?
  • wordt er nieuw beleid ingezet?
  • hoe nemen de burgers die je wilt bereiken hun informatie tot zich? Door te lezen? door TV te kijken? (lagere inkomensgroepen zijn vaak mensen die veel TV kijken).

terug

November 2004
ESN