Samenvatting Lezing “Veranderingen in de verzorgingsstaat” door Dr. Herman Noordegraaf
Die tijd mag nooit meer terugkeren: oorlog en crisistijd
De verzorgingsstaat ontstaat mede als gevolg van oorlog en crisis met als doel vrijwaring van gebrek en bestaansonzekerheid voor iedereen te realiseren. Men vreesde dat men tot armoede zou vervallen in geval van werkloosheid, ziekte, handicap, ouderdom of bij het wegvallen van de kostwinner (weduwen en wezen).
Bredere ontwikkeling in westerse wereld welfare state.
De overheid werd uitdrukkelijk mede verantwoordelijk voor volledige werkgelegenheid, sociale zekerheid en sociale voorzieningen (gezondheidszorg, onderwijs, volkshuisvesting, cultuur enz.)
Bestaansrisico's als werkloosheid, handicap, ziekte, ouderdom, wegvallen van de kostwinner (weduwen en wezen) moesten uitgebannen worden.
De Algemene Bijstandswet (ABW) vormde het sluitstuk van deze ontwikkeling: Rechtsaanspraak van de arme bij de gemeenschap in de vorm van de overheid. Deze voorziet in de noodzakelijke kosten van het bestaan als iemand daarin niet zelf kan voorzien. De AWB betekende een verandering ten aanzien van de armenwet, die bepaalde dat organisaties voor de armen allereerst een taak was voor het particulier initiatief (vooral diaconaat en charitas). Die hulp had sterk het karakter van een gunst: de hulpgever kon eenzijdig de voorwaarden bepalen bij de hulpverlening.
Uitbouw verzorgingsstaat – tot in de jaren zeventig
Vanaf de jaren zeventig wordt gesproken over de crisis in de verzorgingsstaat. Hiervoor worden twee type argumenten aangevoerd, namelijk:
- Financiële redenen: toenemende werkloosheid, ouder worden van de bevolking, echtscheidingen.
- Ideologische overwegingen: overheid ontneemt burgers hun verantwoordelijkheid.
In dit kader werd een opeenstapeling van maatregelen doorgevoerd, zonder de aard van de verzorgingsstaat aan te staten. Er was geen sprake van een blauwdruk.
- Ingrepen in de hoogte en de duur (stelselherziening sociale zekerheid in 1986); Het gevolg hiervan was het achterblijven bij de algehele koopkrachtontwikkelingen. Reële achteruitgang van 15% of meer.
- Terugdringen van het 'volume' (aantal mensen dat afhankelijk is van en uitkering).
Nieuw type verzorgingsstaat is ontstaan
De nieuwe verzorgingsstaat wordt gekenmerkt door:
- activeren van mensen naar betaalde arbeid (WWB/WIW, wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen), sollicitatieplicht, aanvaarding van 'algemeen geaccepteerde arbeid', begeleiding en scholing, sancties. Betaalde arbeid is de weg uit de armoede / besparingen.
- bemoeilijken van de toegang (leeftijd, arbeidsverleden, beschikbaarheid voor betaalde arbeid, keuringseisen in de gehandicaptenwetten). Universalisten: ruime bepalingen voor toegang, uitkeringshoogte en uitkeringsduur (vgl. AOW), selectief: alleen de werkelijk behoeftigen – middelentoets (vgl. ANW, ABW, WVG). Scandinavië – Amerika – Nederland had tussenpositie, nu opgeschoven in de richting van meer selectiviteit.
- steeds meer uitkeringen op minimumniveau door bekorten uitkeringsduur in WW en WAO en strengere toegangseisen – bijvoorbeeld gehandicapten die in de bijstand komen);
- sterkere nadruk op eigen verantwoordelijkheid;
- privatisering van uitvoering en marktwerking;
- decentralisatie
Vragen
- Is het minimumniveau hoog genoeg?
- Regering: in het algemeen wel, bijzondere omstandigheden: maatwerk. Bijzondere bijstand, belastingkortingen, kwijtschelding lokale lasten. Echter:
- Verzilveringproblematiek: bij belastingdienst laten registreren / te weinig belasting om volledig van de aftrek te kunnen profiteren.
- Niet-gebruik: te veel regelingen / stigmatiseert / bureaucratische vaardigheden. Niet-gebruik is onlosmakelijk verbonden met middelentoetsing.
- Voorschieten van hoge bedragen door uitkeringsgerechtigden omdat betaling later komt.
- Verschillen per gemeente.
- Hoge uitvoeringskosten.
Zie: Discussie over voedselbanken. Veel kerken erbij betrokken (vrijwilligers, financieel, accommodatie). Staatssecretaris Van Hooff: Bodem van bestaan is door landelijke overheid gegarandeerd. Landelijke Werkgroep De Arme Kant van Nederland: “...dat voedselbanken nodig zijn in een sociale rechtsstaat druist in tegen de fundamentele principes van die rechtsstaat.”
Daarom: helpen onder protest.
Betaald werk niet voor iedereen de oplossing
- Werkende armen: 225.000 (zelfstandigen, laag loon, deeltijd, flexibele contracten)
- Moeilijk aan de slag komen: handicap, chronische ziekte, laag- en ongeschoolden, 'ouderen' onder de 65 jaar.
- Afroming. Reïntegratie. Vier miljard voor reïntegratie. Voor 10 à 15% van de klanten op gemeentelijk niveau is dit succesvol.
- Groepen jongeren zonder baan en opleiding. Niet meer in laten schrijven.
CONCLUSIES
- Verzorgingsstaat heeft niet meer de beschermende functie en participatie bevorderende functie.
- Inzet zou moeten zijn:
- Op gemeentelijk niveau eruit halen wat erin zit;
Verbetering van de regelingen op landelijk niveau.
|